We gaan weer terug

Het is inmiddels heel lang geleden dat ik een update heb geschreven. Stilte. Misschien wel tekenend voor de situatie. In het begin van de oorlog kreeg ik heel vaak de vraag: “Hoe is het daar?” Mensen waren betrokken, geschokt. Tegenwoordig krijg ik die vraag steeds minder. Het nieuwtje is eraf, het leven hier gaat door.

Toen ik in 2022 schreef over de oorlog, had ik – en velen met mij – de hoop en verwachting dat ik pas weer terug zou gaan als het rustig was. Als de vrede was wedergekeerd. Dat ik dan kon helpen met de wederopbouw. Helaas is die voorspelling niet uitgekomen. De realiteit is weerbarstig en de oorlog duurt voort.

Toch is er groot nieuws: Ik ga weer naar Oekraïne.

In februari of maart van dit jaar (2026) stap ik, tegen mijn eerdere verwachting in, toch weer in de auto (of beter gezegd: in de bus), dit keer niet naar Schiphol, maar richting het oosten. Ik ga met mijn eigen bus. Het plan is om die zelf naar Kiev te rijden en daar te doneren aan een medisch team dat zich dag en nacht inzet in de frontlinies. De bus zal daar een tweede leven krijgen om levens te redden.

Maar als ik mezelf die vraag stel — hoe is het daar? — dan is het antwoord zwaar. Veel mensen die ik ken zijn weg. Met velen, vooral de kinderen van toen, is er geen contact meer. En veel mensen zijn dood.

Zenya In het bijzonder wil ik Zenya noemen. Volgens mij was het in het eerste jaar dat ik in Oekraïne kwam, dat ik hem leerde kennen. Een bijzondere jongen. Hij had geen makkelijk leven en maakte lang niet altijd de juiste keuzes. Maar diep van binnen bleef hij altijd die lieve jongen zoals ik hem leerde kennen. Tijdens de oorlog heb ik nog een paar keer contact met hem gehad, de laatste keer kwam er geen reactie. Ik heb de tranen in mijn ogen als ik dit schrijf. Hij was inmiddels getrouwd en had een zoontje gekregen. Het is nu drie jaar geleden dat hij vermist raakte in de Donbas. Enkele maanden later is zijn lichaam geïdentificeerd. Dit is één van de honderd duizenden verhalen en de dagelijkse realiteit in Oekraïne.

De situatie in Kolentsi. Het is verdrietig om te moeten delen hoe de situatie in ‘ons’ dorp Kolentsi is. Het team van Jeremiah’s Hope, de mensen met wie we jarenlang hebben samengewerkt, is er niet meer. Vrijwel iedereen is tijdens de bezetting gevlucht naar Kroatië (en andere plaatsen in Europa). Ook de kinderen en medewerkers van de Rescue Shelter hebben daar een veilige plek gevonden en zitten daar nog steeds. Het kampterrein, waar we zoveel mooie zomers hebben beleefd met de kinderen, is nagenoeg verlaten. Alleen Kolya en Nela (de kok die ons jarenlang van heerlijk eten voorzag) zijn achtergebleven. Zij houden de wacht en passen op de gebouwen. Ook delen ze nog regelmatig voedsel en brandhout uit aan dorpen in de omgeving.

De missie Naast het brengen van de bus, ga ik ook om vrienden te bezoeken en te bemoedigen. Juist nu, na al die jaren van ellende, is het belangrijk om te laten zien dat we ze niet vergeten zijn. Maar ik ga niet met een lege bus. De bus moet helemaal vol die kant op! We willen voedsel, aggregaten en hulpmiddelen meenemen. De stroomvoorziening is op veel plekken nog steeds een ramp, dus aggregaten zijn van levensbelang.

Hulp nodig De bus is er, de chauffeur is er (ik), maar de lading kost natuurlijk een boel geld. Daarom wil ik jullie opnieuw vragen om hulp. Willen jullie bijdragen aan de brandstof, de aggregaten en het voedsel? Het zou fantastisch zijn als we de bus tot de nok toe gevuld krijgen.

Ik vind het best weer spannend, net zoals die keer dat ik alleen in het vliegtuig zat. Maar ik voel dat dit is wat ik nu moet doen.

Alvast enorm bedankt voor alle steun en betrokkenheid die we, zelfs na deze radiostilte, hopelijk weer mogen ervaren.

Geld mag zoals altijd worden overgemaakt op de rekening van de Vrije Baptistengemeente Emmeloord. De gemeente is ANBI erkend, de gift is dus fiscaal aftrekbaar.

Vrije Baptistengemeente Emmeloord IBAN: NL57 RABO 0346 5462 73 o.v.v. Oekraïne 2026